Reisverslag 5 Pakistan

vlag Pakistan 100Pakistan

Zondag 3 september

grens iran Pakistan GoogleAangekomen aan de Iranese kant was het een behoorlijke puinhoop. Overal stonden losse kantoortjes, nergens aanwijzingen, overal en nergens was men bezig. Eindelijk na zeker 20 min. zoeken en vragen kwamen we bij het juiste kantoor. De mannen regelen de papieren en ik blijf bij de auto’s. Dan moet ik ook binnen komen om te laten zien dat ik inderdaad degene ben die in het paspoort staat.
Op naar het volgende kantoor na weer een kwartier zoeken kwamen we bij het kantoor om het Carnet   in te laten vullen en afstempelen. Hier moesten ze weer de auto zien die zeker 50 meter verder stond. Ze keken richting auto’s en vroegen: Zijn ze dat ??  JA !! OK, dus geen chassisnummer controleren en de papieren werden verder ingevuld. Bij de laatste controlepost moest Kees weer terug. Ze waren een bepaalde stempel in zijn paspoort vergeten. Bij deze post is ook meteen de Pakistaanse grens. Daar gaan we meteen een kantoortje in met de paspoorten. Alle gegevens worden in een groot boek geschreven, dus geen computer. Daarna rijden we 2 kilometer verder, waar we netjes naar een kantoor worden gebracht. We zijn de enigste buitenlanders en mogen direkt naar binnen. De andere mensen die zitten te wachten, moeten buiten blijven. Dat schijnt normaal te zijn. Niemand kijkt lelijk, op of om. Dan is het wachten op de man die onze paspoorten en het Carnet de Passage in orde moet maken met de nodige stempels.

mooi 4In de tussentijd maakt Kees foto’s van de Pakistaanse vrachtauto’s. Ongelofelijk. Prachtig er staan werkelijk ware kunstwerken bij. Maar die zullen we beslist nog heel veel zien. Verderop in het verslag een dia-serie van deze mooie trucks.
Na 1½ uur komt dan eindelijk de desbetreffende man, is uiterst vriendelijk en zeer relaxed wordt alles in orde gemaakt, nog een kopje thee, dan rijden we echt bij Taftan, Pakistan binnen. In totaal heeft het ons drie uurtjes gekost. Eenmaal over de grens dertig meter verder, warm en stoffig staat daar het Hotel van PTDC met “Camping” waar we overnachten.  Als we wat te eten bestellen moet dat eerst nog in het dorp gehaald worden. Ok, het duurt even, maar dan is het ook vers.

Maandag 4 september

LINKS – LINKS – LINKS.

’s Morgens worden we wakker en kijken we  door het keukenraam, zien we een politieman in een auto met kalasnikov op schoot en deur open, heeft ons dus de hele nacht bewaakt. Vanaf vandaag moeten we links rijden. Voor de zekerheid een briefje op het dashboard geplakt LINKS – LINKS – LINKS. Daar gaan we dan. Wat een gekkenhuis. Druk, druk, druk. Iedereen toetert, en niet zo maar een toetertje. Oorverdovend. Later komen we erachter dat het niet alleen voor het verkeer is, maar als ze ons zien, gaat er weer een hele serenade van start, de hele dag door en maar zwaaien, de Pakistaanse chauffeurs lachend van oor tot oor.
Onderweg zien we wilde dromedarissen, maar ook voor een kar gespannen, met hun slow-motion walk.

’s Middags komen we aan in Dalbadin N 28.53.16.3 – E 064.24.21.4. We willen bij een Guesthouse overnachten, maar daar mogen we niet staan. Geen bewaking, wordt er gezegd. Dan rijden we naar het politiebureau. We weten dat we daar niet onder de poort door kunnen, maar hopen dat we buiten de muur met bewaking mogen staan. Het ziet er spannend uit. We mogen er staan en krijgen zelfs bewaking.

Post DalbadinEerst in de binnenplaats paspoortcontrole en inschrijven. Blijkt dat dit ook de luchtplaats voor de gevangenen is. Nou, dat zag er niet erg gezellig uit. Gelukkig had ik kleding aan dat alles bedekte en mijn sjaal over mijn blonde haren. Laten we dat voorlopig maar zo houden, alhoewel men zegt, dat buitenlandse vrouwen in Pakistan geen sjaal meer hoeven te dragen. Wat er geroepen werd weet ik niet, maar ze zullen beslist niet gevraagd hebben of ik met ze wilde dansen. Nee, dat was niet leuk.  Constant hoor ik he…. Fucky – Fucky. Niet alleen hier, maar ook later op straat. Daar heb ik wat moeite mee. Er wordt ons steeds gezegd respect te tonen voor deze mensen en hun geloof. Dat doen we door ons aangepast te kleden, maar dan geldt dat ook van hun kant. Ik was blij dat we weer bij de auto waren. Terwijl we daar stonden, zagen we dat mensen, waarschijnlijk familieleden, eten kwamen brengen. Zorg er voor nooit in een Pakistaanse gevangenis te komen. Mijn god, echt middeleeuws, met zware kettingen aan de benen verbonden met het middel. Als we hier staan hebben we genoeg te zien.

kinderen 2ezel 2Het loopt vol met kinderen, die allemaal op de foto willen. Lang leve de digitale camera, wat je later niet meer wilt kun je wissen, dan plotseling een oorverdovend lawaai. Komt een ezel luid balkend voorbij rennen. Wat kan zo’n ezel een kabaal maken zeg.

australieers komen eraanEnkele uren later komen er twee auto’s de hoek om. Australiërs, ook hier terecht gekomen om te overnachten. Gezellig. Als deze mensen ingeschreven worden, komt men ook weer onze paspoorten vragen om in te schrijven. We krijgen ze niet aan het verstand  gebracht dat alles al genoteerd is en dat we niet bij de Australiërs horen maar hier al eerder stonden. Alles wordt nogmaals genoteerd. Ok, als we onze paspoorten maar weer terug krijgen. De nacht was warm en we hebben slecht geslapen door het geluid van de ijzeren poort bij de politiepost, die regelmatig open en dicht ging.

Dinsdag 5 september

I.v.m. de hitte bij zonsopgang vertrokken richting Quetta. De omgeving is zeer afwisselend en maakte het tot een boeiende maar toch zware rit. De weg was niet altijd de beste. Soms zo smal dat er maar een auto op kon.
OnderwegOnderweg 2spiegel moggypolitie escorte

 

 

 

 

bewaking mee naar QuettaControle post 4 Controle post 4 goedWachten op escorte

 

 

Regelmatig moeten we stoppen bij checkpoints. 75 kilometer voor Quetta krijgen we diverse politie escortes. Ach, we raken er aan gewend. Ze zijn zeer vriendelijk en we hebben zo vrije doorgang door de drukke straten.

Bloomstar  QuettaBloomstar hotelIn Quetta komen we bij het Bloom Star Hotel,
N 30.11.21.6 – E 067.00.18.0 Kunnen we onder de poort door ???????? Ja, maar net.  We kunnen met z’n alle op de binnenplaats. Er staat al een rode Duitse truck. Benieuwd waar die heen gaan. Prima locatie, heerlijke binnentuin. We hebben hier samen met Casper een kamer genomen om te kunnen douchen, geslapen hebben we toch in “Moggy”.  Inmiddels kennis gemaakt met Duits stelletje Robert en Jitka, zij gaan tot Nepal en moeten dan helaas terug naar Duitsland. Zo, de groep is inmiddels behoorlijk groot. Wij, Casper, Robert  en Jitka en de twee Australische echtparen die van onze leeftijd zijn. We besluiten in het hotel te eten. Helaas viel tegen, lang moeten wachten en eigenlijk te weinig. Maarrrrrr !

Er was wel BIER !!!!!!!!! Lekker !!!!!!!!

Woensdag 6 september

Vandaag was er een grote staking in Quetta, alle winkels waren dicht tot zonsondergang en van het hotel uit werd aangeraden om niet de straat op te gaan. Deze staking was omdat er een belangrijk iemand vermoord was.  Heerlijk de hele dag gerelaxed in de tuin. Verder kennis gemaakt met de anderen. We besluiten dan om met z’n alle het “Gevaarlijkestuk via de Bolanpas naar Sibi–Sukker–Bahawalpur in konvooi te rijden.

samen in de tuktukrestaurants’ Avonds met de hele bups in een riksja naar een Tandoori Restaurant. Heerlijk gegeten. Als we het restaurant binnen komen is de verassing groot. Het ziet er zeer verzorgd en netjes uit. We willen gaan zitten, maar dan vraagt de ober of we misschien in de andere ruimte willen zitten. Ok, het maakt ons niet uit als het eten maar lekker is. De airco wordt boven onze tafel aangezet en we laten alles op ons af komen. Een van de Australische dames doet als ze gaat zitten automatisch haar sjaal af. Oeps, foutje, toch maar beter deze weer om te doen. Dat is dan verder ook geen punt. Als we na afloop naar het hotel willen, gaan we op zoek naar een ritska of taxi. Daar komt niets van in. De manager van het Tandoori-restaurant zegt, dat zijn personeel ons naar het Bloom Star Hotel zal brengen. Jeetje, wat een service. De dames en Kees in een auto de rest in een andere auto. Zo, weer veilig “Thuis”.

Donderdag 7 september

Vandaag gaan we de route rijden die de meeste risico’s met zich meebrengt en daarom ook besloten hebben in konvooi te rijden. Benieuwd wanneer de eerste escortes komen. Niet dus !!! We rijden de Bolanpas op en is de temperatuur opgelopen tot 38 graden, in de auto 43 graden HOT – HOT – HOT. De omgeving is mooi en doet ons veel aan Marokko denken.

in de filePlotseling staan we in de file. Echt stil, kilometers lang, vrachtwagen aan vrachtwagen en wij. Weg werkzaamheden. De weg is natuurlijk erg smal, iedereen wil er toch door en dan is degene die het brutaalst is de eerste en de rest er achteraan totdat de andere kant weer even door kan, afwisselend kunnen we zo steeds stukjes verder. Hier hebben we vele foto’s kunnen maken van mooie trucks.

.

truck zonder cabine

Klik hier voor dia serie mooie trucks

 kippentractor langs de wegmensen op busEls met truck chauffeur

 

 

 

Australiers door beddingDe Australiërs zijn met hun 4×4 auto’s door de rivierbedding gegaan. Voor ons geen optie i.v.m. lage bruggen. We zijn benieuwd of we de Australiërs nog tegen komen. Van ons “konvooi” blijft zo natuurlijk weinig over, Casper, Robert en Jitka en wij. Jammer, maar van de andere kant wel te begrijpen, daarbij, wat moet er op dit moment gebeuren, het is op het ogenblik een groot konvooi van kilometers auto’s.  Intussen blijft iedereen redelijk rustig, worden er door ons heel wat foto’s gemaakt, alles lost zich van zelf op. Wel valt het ons op dat veel Pakistaanse chauffeur’s behoorlijk bloed doorlopen ogen en rode tanden hebben. Ze kauwen op bladeren. Drugs ?? We horen later van wel. Ze moeten zo lang achter het stuur zitten, dat ze het anders niet vol houden. Gatsie, niet zo een prettig idee.

Onderweg bus      Tractor met moggy      Els bij kraampje      steenfabriek

Dan gaat de rit verder. Kees heeft tijdens het lange oponthoud zijn hoed niet opgehad en voelt zich met het uur beroerder worden. Te veel zon. Ik hoop niet dat ik hier hoef te rijden, want dan wordt het peentjes zweten. Gelukkig houdt Kees het vol. Onderweg wordt de omgeving heel anders. Veel groen, landbouw, water en heel wat waterbuffels die hier natuurlijk voor heel wat ingezet worden. We zien ze aan het werk, maar ook lekker ondergedompeld in het water. De kindertjes zie je dan in hetzelfde water zwemmen. Dat de omgeving veranderd, houdt natuurlijk ook in dat het hier behoorlijk vochtig is. We zweten ons te pletter. Dat zal de komende tijd ook wel zo blijven.

Eindelijk komen we dan aan in Sukker, net voordat het donker wordt. Dat wil zeggen het Duitse stelletje en wij. Casper is onderweg een bout van een van zijn schokbrekers verloren (dat zag Kees in Bam) Casper vermoed dat dit al een lange tijd is, misschien zelfs al in het begin van zijn reis en wil nu kijken of hij hier in een van de dorpen een bout kan vinden. Dat kan even duren. Kees voelt zich hondsberoerd en kan het echt niet opbrengen, te wachten, ik durf hier niet te rijden, dus besluiten we het laatste stukje door te rijden naar Sukker en elkaar daar weer te treffen, ondanks dat we afgesproken hadden in konvooi te rijden. Bij een groot bewaakt benzinestation zetten we de auto’s neer en geven via SMS Casper de coördinaten door   N 27.44.20.0 – E 068.48.52.4. Kees gaat gelijk plat, hij is kapot. Anderhalf uur later, komt Casper aanrijden. Ja, hij heeft een bout gevonden, gemonteerd, maar helaas is hij ook deze weer verloren. Jammer. We kunnen bij dit benzinestation gratis naar de toilet en douchen, heerlijk, bij het slapen gaan is het nog 32 graden in “Moggy” en op de grote weg nog een hels kabaal, van slapen komt niet veel.

Vrijdag 8 september

Als we de volgende dag vertrekken, geeft Casper te kennen, dat hij afhaakt. We zijn zo verbouwereerd dat we niet om de reden vragen. Hij geeft ons wel de coördinaten van een hotel in Bahawalpur  N 29.23.29.1 –   E 071.41.26.4 Klopt niet helemaal, maar je bent dan in ieder geval in de stad, dan kun je vragen naar Pakistani Toerist Hotel.  Hij denkt ons daar vanavond wel te zien. We zijn verbaasd, maar het is zijn keuze. We denken dat hij boos is, omdat we niet meegereden zijn om een bout te zoeken. He, hallo, Kees was echt zo beroerd als een zieke hond.  Ok, up to him. Vrijheid – Blijheid. Robert en Jitka willen graag met ons verder rijden. Het wordt weer een interessante maar zware dag. Ja, Pier, zoals je in ons gastenboek schreef: “Reizen is geen vakantie – Reizen is soms hard werken – Reizen is wel eens klote – Reizen is soms saai – Reizen is wel eens vermoeiend – Reizen is regelmating compromien sluiten – Wordt nooit boos, maar verbaas je slechts”. Dat hebben we al vaak tegen elkaar gezegd, maar we genieten nog steeds volop en we kijken onze ogen uit. Wat een andere wereld, dit kan men iemand anders niet vertellen, dit moet je zelf beleven.

Camping hotelEenmaal in Bahawalpur blijkt bij het   Hotel van PTDC een rustige tuin te zijn. Mooi, we blijven hier een dag  om bij te komen, hoewel, ook hier is het heet en je zweet je een rotje, gelukkig kunnen we regelmatig onder de douche gaan staan van een kamer, die we mogen gebruiken. Er staat een grote boom in de tuin waar we veel schaduw van hebben en we relaxed kunnen zitten en genieten van de vele soorten vogels die hier zitten en een soort eekhoorntjes met gestreepte staartjes. Het lijken wel “flessen-reinigers” die heel grappig met elkaar spelen.

Zaterdag 9 september

Casper onder boomAls we ’s morgens opstaan, blijkt Casper ook in de tuin te staan. We hebben hem niet horen aankomen. We zijn een beetje verbaasd als we zien dat hij met zijn M.A.N. met airco onder de enigste boom is gaan staan. Weg schaduw-plekje. We zeggen er niets van. Hadden we misschien wel moeten doen en gelijk alles uitpraten. Jammer.

 

riksja goedWe laten de auto’s staan en gaan met een ritska richting stad. We lopen in de bazaar en kijken voor de zoveelste maal onze ogen uit, al die mensen, al die spullen, al die kleuren zoveel lachende gezichten. De sfeer in Pakistan voelt tot nu toe heel anders dan in Iran. Meer armoede maar een twinkel in de ogen van de Pakistaanse mensen die ik in Iran miste. In de stad gegeten. Jitka en ik lopen hier nog steeds netjes bedekt gekleed, met onze sjaal om onze blonde haren.

Klik hier voor dia serie Multan en Bahawalpur

Zondag 10 september

Casper vertrekt al vroeg en het afscheid is niet leuk. Hij wil niet meer met ons verder reizen ??  Ok, jou vrije keuze. Robert en Jitka kijken ons aan. Ook zij snappen het niet. Als er iets je niet prettig zit, kun je dat toch als volwassenen uitpraten, of niet soms. Nee, blijkbaar niet. Ok, wij hebben ons schaduwplekje weer gaan ontbijten en proberen dit vervelende voorval maar beter te vergeten.

auto wassenRobert en Jitka willen hun auto laten wassen. Niet alleen de auto wordt gewassen, ook de banden worden netjes zwart gemaakt. Dan doen ze door met een dunne slang diesel op te zuigen en dit tegen de banden aan te spuiten en op te wrijven. Ze zien er uit als nieuw !! Het is nog geen 100 kilometer naar Multan dus we hebben geen haast dus geen haast. Daar hebben ze ons mooi te pakken.

.

vervoer mensenHotel MultanDe laatste vier kilometers voor Multan. Een grote puinhoop op de weg. Alles ligt open, niets kan er meer door. Dan nog een ezelkar die een achterlicht van een busje rijdt. Och arme ezel, wat wordt hij afgebeuld om de kar weer op de weg te krijgen. Vreselijk, ik wordt er gewoon misselijk van. Nee, je wilt geen ezel in Pakistan zijn. Slaande ruzie voor onze ogen, zijn dan nog verkeerd gereden, het is bijna donker als we bij Hotel Sindbad  N 30.12.03.8  E 071-27-10.4  aankomen. Niet alleen bijna donker maar zo warm en zoveel lawaai op straat, dat Kees en ik beslissen een kamer in het hotel te nemen. Heerlijk airco. Rober en Jitka blijven in de auto slapen. Nee, dat had ik niet meer gekund. Het is eventjes op bij mij. Ik heb weer een paar keer  diaree gehad en voel me nu ook niet best. Ik moet mijn lichaam even rust gunnen. Ik ben door het anders eten en natuurlijk ook van de hitte acht kilo afgevallen, Kees vijf, de broeken hangen aan de kont. Verder alles goed.

Maandag 11 september

COOL –  COOL  –  COOL

Heerlijk bijkomen op de hotelkamer, met de airco op 25 graden.  De ventilator zetten we niet aan, die gaat zo hard dat je bijna van je bed waait, maar verder is de temperatuur nu goed te hebben. Robert en Jitka zien wel af in de auto maar komen regelmatig afkoelen op onze kamer en kunnen hier lekker douchen. ’s Middags toch weer wat opgeknapt en we gaan naar de stad en de bank.

De bank

Geld wisselen bij de bankBewaking met zware geweren. Ik loop meteen naar binnen maar wordt tegengehouden aan mijn rugzak. Wat komt u hier doen? Het is hier toch een Bank, wat dacht u van geld wisselen? We mogen alle vier door, worden langs alle mensen geleid en krijgen ieder een stoel aangeboden achter de balie bij de kluis waarvan de deur open staat !!! We zien zo al het geld liggen ?? Dan duurt het even voordat men weet hoeveel Pakistaanse Roepies we krijgen voor Euro’s. De manager komt ons een hand geven en krijgen we frisdrank aangeboden. Alle andere klanten staan aan de goede kant van de balie, wachten braaf en kijken ernaar. Ongelooflijk. Kees mag zelfs foto’s maken.  Als dit achter de rug is, is het een uurtje later en gaan de bazaar in. Druk, te druk maar wel interessant. Op weg naar huis kopen we een ventilator voor in “Moggy”. We zien wel of we hem kwijt kunnen, het moet. Ik kan niet meer slapen met deze hitte, die toch nog even aan zal houden. Ik verheug me al op de koelte in de bergen bij Islmabad.

Dinsdag 12 september

Het gaat niet goed met Els. Jeetje wat kan een mens diaree hebben en beroerd zijn, ik kom niet van de pot, vreselijk. Vandaag alleen slapen-tussendoor toast–banaan–yoghurt en veeeeel  water om niet uit te drogen. Kees, Robert en Jitka gaan naar het Internet café. Traag, traag, Kees bekijkt alleen de post en koopt wat chocolade voor me, wat er gelukkig in blijft. Wat ben ik blij dat we de kamer genomen hebben. Het gaat weer ietsjes beter, maar ik val te veel af. Mijn huid wordt te droog en rimpelig. Da’s nie goe.

Woensdag 13 september

Ik voel me iets beter dus op naar Islamabad. We kunnen vrij vlug de High-way op. Heerlijk. Lekker snorren over de High-way onderweg wat gegeten, Robert en Jitka willen onderweg op een parkeerplaats een paar uurtje slapen maar daar hebben we geen zin in en rijden verder tot het laatste benzinestation op de High-way waar we elkaar ’s avonds weer zullen treffen. Deze plaats was prima. Mooi achter het station, lekker rustig met bewaking.
N 33.19.18.0 – E 072.46.54.6.  Tegen de avond komen Robert en Jitka aan en we pakken nog een gezellig afzakkertje.

Donderdag 14 september

Goed geslapen. Zwarte lucht, onweer in de bergen. Als we om 08.00 uur vertrekken begint het behoorlijk te regenen. Dat is lang geleden en we vinden het niet eens erg. Als we richting Islamabad rijden is het al weer droog, wel erg dompig.

Camping IslamabadEnkele uren later komen we aan op de “Rose & Jasmijn CampingN 33.42.17.6 – E 073-51.7.3. Ziet er goed uit. Wel behoorlijk vochtig. He, die auto kennen we toch. Ja, Sarah en Rahul uit Zwitserland, het stel dat we op de Murat Camping in Turkije ontmoet hebben. Leuk !!!! Daarachter staat de M.A.N. Casper. Tja, de wereld is klein. De begroeting van Sarah en Rahul is hartverwarmend. Ik wist het, zei Sarah, Ik wist dat jullie vandaag zouden komen !!! Ze had het gisteren tegen Rahul gezegd. Morgen zien we Kees Els en “Moggy”. Ze had het gedroomd.

Het is nog vroeg en we besluiten nu nog naar de Ambassade van India te  gaan voor een visum. Morgen is het vrijdag, dat is hier als zondag, alles is dan gesloten. Hup, alle papieren verzamelen en met een taxi erheen. De ambassades liggen in een enclave en daar kom je zo zomaar niet in. Eerst kaartjes kopen voor de bus, die de enclave inrijdt en je aflevert bij de ambassade die je moet hebben. Geen fototoestel en telefoon mee, netjes opbergen bij de bewaking. Dan worden we gefouilleerd, mogen de bus in en worden netjes voor de Ambassade van India afgezet. Overal bewaking met de meest grote geweren, overal prikkeldraad en blokkades. Dan begint het lange wachten. Als we eindelijk aan de beurt zijn, wacht ons een onaangename verassing. We krijgen een visum voor maar drie maanden i.p.v. zes maanden waar we op gerekend hadden. Wat nu, ja, wat kun je. Dan maar drie maanden en kijken hoe we het oplossen. Terug op de camping wacht ons nog een andere onaangename verassing. We horen dat bij de andere landen geldt, dat  de datum van entree in een land als begindatum telt. In India als het visum uitgeschreven wordt. Shit, we willen eerst de Karakomapas op. Daar zijn we al een week of twee mee kwijt. Wat nu te doen. Kunnen we de route omgooien, halen we India in drie maanden?? Jeetje, dan kunnen we met Kerstmis niet in Goa zijn, zoals we gepland hadden. Daarbij, we hebben ook nog tijd nodig, om de verscheping van “Moggy” naar Maleisie te regelen. Help, dat halen we niet. Of toch? Is er een andere oplossing. Eerst maar eens gaan slapen en morgen verder denken.

poesjeSarah en Rahul hebben de zorg over een jong poesje overgenomen, een vondelingetje. Erg zwak en klein. Het komt lekker op mijn schoot liggen speelt een beetje en val in slaap. Een naam heeft het niet, ik doop het “Lammy” naar …  Islamabad, daar zijn we het met z’n alle mee eens.

Vrijdag 15 september

Het probleem drie maanden geldt voor meerdere personen, de hier in Islamabad het visum aanvragen. De mensen die het in hun eigen land geregeld hebben, bezitten mooi een visum voor zes maanden. Het schijnt  iets te maken te hebben met de politieke toestand op dit moment. Wat te doen. We kunnen eerst toch de Karakoma pas doen. Dan Nepal. Als we Nepal bekeken hebben, daar een nieuw visum voor drie maanden aanvragen voor India, meerdere overlanders hebben dit gedaan. Een andere optie is, maandag terug gaan naar de Ambassade van India met het vriendelijke verzoek, toch zes maanden te geven i.v.m. onze reisplanning en het feit dat we toch 12.000 kilometers gereden hebben om hun mooie land te bezoeken. Nee hebben we, ja kunnen we krijgen. Het verzoek wordt in ontvangst genomen, ze gaan het bekijken. Kleine “Lammy” hebben we helaas niet meer gezien. Toch gestorven of gepakt door de grote kraaien of roofvogels die je hier ziet ??

Zaterdag 16 september

stof uitzoekenmaat opnemen keesBijbabbelen met Sarah en Rahul, uitrusten, boodschappen doen, stof gekocht om kleding te laten maken voor mezelf en Kees. Dit naar de kleermaker brengen. Maandagavond klaar. Verder de hele dag zweten. Jeetje wat is het hier warm en vochtig. ’s Avonds worden we opgevreten door de muggen. Inmiddels staan er al behoorlijk wat mensen op de camping en er wordt heel wat informatie uitgewisseld. Heerlijk. Dit alles onder het genot van water, thee, cola en limonade. Ja, jullie lezen het goed, absoluut geen alcohol, iedereen staat droog.  Dan komt Kevin een motorrijder (Belg die in Canada woont) met een recept tegen de muggen. Drie delen Johnson’s babyolie mengen met een deel Dettol. Niet alleen goed tegen de muggen maar ook nog eens goed voor de huid en desinfecterend.

Zondag 17 september

Lekker luieren. Kees en Rahul naar een Mercedes garage. Kees om een afspraak te maken voor het vervangen van de remschoenen. Het lampje op het dasboard knippert regelmatig. Qua kilometers is het onderhand ook wel nodig. Het heeft vijf uren geduurd om de goede remschoenen te vinden. Dinsdag om 08.00 uur kunnen we in de garage terecht.

Maandag 18 september

Vandaag een spannende dag. Krijgen we het voor elkaar om een visum van zes maanden te krijgen i.p.v. drie maanden. Een Oostenrijker die boos werd en een grote mond gaf, heeft geen visum gekregen en zelfs een stempel in het paspoort, dat hij India niet in mag. Vroeg op pad, nette kleren aan, dus weer zweten. We lopen constant met flesjes water, je raakt niet uitgedronken. Eerst weer de hele procedure voor we in de rij staan voor loket twee. Ik zet mijn vriendelijkste gezicht op en vraag of ze me nog herkent. Zo waar, ze lacht (voorheen steeds strak gezicht). Ik doe mijn verhaal en tot onze verbazing komt de manager Mr. Fie erbij. Wanneer zou jullie visum klaar zijn ?? is zijn vraag. Donderdag om 16.00 uur. Ok, kom dan maar terug en we zullen kijken wat we dan kunnen doen, misschien kan ik jullie zes maanden geven. Thanks, tot donderdag.

Zal het lukken ?????

Kleren opgehaaldels stof uitzoeken 2Kleren opgehaald. Het “Pakistaan pak” van Kees is prima, het staat hem goed. Mijn kleding blijkt niet goed afgewerkt te zijn. De naden zijn niet met de zigzag afgewerkt. Een blouse zit goed, het andere te strak op de boezem en ik kan met mijn hoofd met moeite door de hals. Jammer, maar dat moet veranderd worden. Morgenavond kan ik het weer ophalen, ze zullen het veranderen. Kees wil een extra zak hebben met een ritssluiting. Dat kan. No problem. Ben benieuwd. Het kost natuurlijk niet veel, maar het moet wel passen en goed blijven na het dragen en wassen. Als we de pakken ophalen, past alles redelijk, alleen liggen we achteraf blauw van het lachen. De extra zak met rits, hebben ze niet op de achterkant (lees kontzak) gemaakt, maar voor op de buik. Opzich niet zo een slecht idee, zul je zeggen. Komen er zeker geen pick-pockers, maar wat te denken van het muntgeld in deze zak. Niet echt prettig. Kees had bijna blauwe zakken.

Dinsdag 19 september

Vroeg op. Afscheid nemen van Sarah en Rahul en op naar de garage. Deze ligt niet eens zo ver hiervandaan, maar eenmaal van de High-way is het een crime als je door de stad moet om aan de andere kant bij de Mercedes garage te komen. Anderhalf uur voetje voor voetje in een drukke, stikkende, walmende, lawaaierige massa.

GarageEindelijk komen we bij de garage aan. Blijkt de monteur die verstand van Unimog zou hebben op cursus te zijn tot maandag. Hallo, hadden jullie dat niet kunnen vertellen toen we deze afspraak maakten. Een jonge monteur komt erbij en gaat aan de slag. Kees blijft erbij om alles in de gaten te houden en hij kan er natuurlijk ook van leren. Het lukt niet al te best. De monteur krijgt de remschoen niet open. Kees belt naar Nederland en krijgt te horen, dat je de auto moet starten.

eten garageGelukkig, zo gaat het, nu de andere kant nog. Ik zit ondertussen in de receptie op de computer onze site bij te werken. Rond etenstijd worden we meegenomen naar de kantine en krijgen zowaar warm eten aangeboden. Dat is nog eens service. Rond 16.00 uur zijn we klaar. Kosten 25.00 €. Als we naar de camping rijden gaan de wijzers van de meters in de cabine omhoog. Te hoog.  Nondeju… Dit zijn de wijzers die aangeven als de olie in tandwielaandrijving  te heet wordt. Linksachter 100 graden rechts 85 graden. Dus weer terug naar de garage en hopen dat er niets stuk gaat.

Dinsdag 19 september

Vroeg op en garage bellen. Wordt niet opgenomen. We besluiten er rustig heen te rijden. In de boeken van de Unimog heeft Kees gelezen, hoe wat waar en waarschijnlijk zijn de remmen te strak afgesteld na het vervangen van de nieuwe remschoenen. Dat blijkt, inderdaad het geval te zijn, vooral linksachter zat “aan” terwijl daar 0.2 mm tussen moeten zitten. Dat wordt dus weer geduld hebben en wachten. Weer middageten in de kantine, in de middag terug naar de camping. Gelukkig de temperatuur blijft laag. Kosten niets.

Woensdag 20 september

camping 1camping 2camping 3camping 4

 

 

Rustdag. Helaas regenachtig. Mensen komen en mensen gaan. Dan zien we weer het groepje overlanders die we op Camping Murat in Turkije getroffen hebben, dat wordt dus bijpraten. Dan valt de naam Axel. He, die naam heb ik toch eerder gehoord? Robert en Jitka, waar we een week mee rond gereisd hebben, hadden het regelmatig over een Duitse motorrijder Axel die ze uit het oog verloren waren. Ja, inderdaad, hij kende Robert en Jitka. Wij kunnen hem vertellen dat ze de Karakoma op zijn en waarschijnlijk over twee weken op deze camping terug komen als ze hun visum op komen halen, dan zal hij ze hier treffen. Hoe klein blijkt toch de wereld.

jointjeAls we zo met z’n alle bij elkaar zitten, krijg ik een jointje aangeboden. Tja de wiet groeit hier op de camping, dus er is genoeg. Nou…, nee dank je, ik rook niet. Tja, wat moet ik anders bedenken. Ach Els, neem toch een paar trekjes en “be relaxed“. Als je wat trekjes neemt ben je heerlijk relaxed. Je kunt dan wel twee uur naar een druppende waterkraan kijken. ????????? Had je mijn gezicht moeten zien. Tja, ik kan wel wat anders bedenken dan dat. Kees en ik kijken elkaar lachend aan. We drinken nog een Pislke en trekken ons terug in “Moggy”.

Donderdag 21 september

Het wordt vandaag een spannende dag. Om 16.00 uur kunnen we het visum ophalen. Eerst nog wat huishoudelijke werkjes doen. Ja, dat hoort er helaas ook bij. Om 16.00 uur is het dan zover. Jeetje wat een rij. Dat gaat weer lang duren. Eindelijk kunnen we dan ons briefje afgeven, en komen onze passen door het luikje. Spannend, gatsie drie maanden. We zijn teleurgesteld en zeggen tegen een bewaker dat we een probleem hebben. Er was ons zes maanden beloofd. Ga maar naar loket twee en vraag naar de manager Mr. Fie. Weer hoop. Gelukkig is Mr. Fie aanwezig. Herkent ons, vraagt de paspoorten en veranderd de tijdsduur in zes maanden en zet zijn handtekening erbij. Op mijn vraag of dat geen problemen aan de grens geeft zegt hij. Nee, absoluut niet. Kijk dezelfde handtekening met de zelfde kleur (groen) pen bij de stempel. Maakt nog een vriendelijk babbeltje, zegt dat Holland goed is en daarom zes maanden krijgen en wenst ons verder een prettige reis. Yes, yes, yes.

Als we op het visum wachten, wordt mijn naam Mrs.  Elisabeth roepen (op die naam  en Mr. Nicolaas hebben ze alles ingeboekt want onze Nederlandse familienamen kunnen ze hier niet uit te spreken). Ik neem het paspoort aan, maar het blijkt van een Nederlandse  vrouw van een Pakistaner te zijn en ook Elisabeth heet. Ik moet even goed kijken. Jeetje, die foto ??? Hoe is dit mogelijk, we kunnen wel zusjes zijn, ook sproetjes en blond/rossig haar. De man van deze vrouw staat pal achter ons en zo komen we  in gesprek. Leuk, hij spreekt goed Nederlands. Dan komt mijn en Kees zijn paspoort en alles lijkt in orde. In de bus zien we de man weer. Als we dan bij de uitgang van de enclave een taxi willen nemen, vraagt hij waar we naar toe moeten en vraagt om in zijn auto (met chauffeur en airco) te stappen. Jeetje, wat een geluksdag. Onderweg naar de camping babbelen we verder en vraagt hij of we niet naar zijn huis in Muree willen komen om te eten en eventueel te slapen. Hij weet zeker dat zijn vrouw heel graag weer eens met Nederlanders wil babbelen en zij het hem niet zal vergeven als hij ons niet uitnodigt in hun huis.  Ja, zo’n aanbod is natuurlijk heel leuk en nemen het graag aan. Als hij zijn vrouw belt spreken we af voor de volgende dag.

De Rose & Jasmijn Camping is niet al te schoon. 90% van de gasten worden hier ziek.

Dat is achteraf ook niet vreemd. Als wij via ons water-filter, met nog een extra “kaasdoekje” ertussen, water in “Moggy” laten lopen, vinden we piepkleine slakjes en wormpjes in het “kaasdoekje”. He, hallo. Er staat hier aangegeven dat dit “Drinkwater” is. Als we daarna ons chemish toilet op de plaats die daarvoor bestemd is omkiepen en schoonmaken, zien we als we naar buiten gaan, iets tussen het gras weglopen. Je mag een keer raden wat, maar de kleur was donker blauw (van het chemisch toilet) en er dreef zo wat bruins in, rara, wat zou dat zijn. Inderdaad, het riool kwam gewoon in de tuin uit, waar iedereen rondloopt. Gatsie !!!

Vrijdag 22 september

Als we vandaag richting Muree gaan en daarna de Karakomapas gaan rijden moeten we nog wel inkopen doen. Drie kippen, die ze ter plaatse slachten schoonmaken. In vieren delen zodat ze meteen de diepvries in kunnen en voor vijf dagen kalfsvlees. Bij het slachten heb ik maar niet toegekeken, wat wel eng was en je moet dit echt geloven. De plastic zak met de geslachte kippen erin, bewoog nog. Ik schrok me kapot. Ja, die arme beesten waren ook maar net 10 minuten dood en dan blijken er nog spiertrekkingen te zijn. Nou, dat weten we dan ook weer. Een mens is nooit te oud om te leren.

Dan nemen we afscheid van de mensen op de camping en vertrekken richting Muree. Een mooie maar steile en drukke weg. We doen twee uur over 53 kilometer. We komen al aardig in de bergen. De temperatuur gaat goed naar beneden, zo rond de twintig graden, wat toch wel even een verademing is. Muree ligt op 2100 meter hoogte. Eenmaal in Muree is het zoeken, we rijden hier zeker een uur rond. Dan eindelijk komen we bij het huis van Imam en Karin (Elisabeth) en hun drie kinderen aan. We worden hartelijk ontvangen. “Moggy” kunnen we na veel moeite, passen en meten bij het huis zetten.

huis mureeaan tafel in mureeuitzicht mureeaan tafel in muree

 

 

Dat viel tegen, de helling is redelijk schuin. Kees rijdt “Moggy” achteruit naar beneden, dat had hij beter niet kunnen doen. Iets met de lucht ging niet goed. De compressor geeft niet meer dan 8 bar  aan, terwijl het  16 bar moet zijn. Ok, hopelijk gaat de lucht morgenvroeg weer omhoog als we “Moggy” starten. Ook blijft het linkerachterwiel te heet. Dan als we op het balkon staan en het uitzicht bewonderen wordt Kees niet goed. Oh, wat jammer. Hij houdt zich goed, maar gaat dan om 20.00 uur toch naar bed. Als ik om 21.00 uur kom, heeft hij behoorlijk koorts en is behoorlijk aan de diaree. Ja, Keesje, nu ben jij aan de beurt.

Zaterdag 23 september

Het gaat niet goed met Kees, echt beroerd. Hij blijft de hele dag in bed. Ik breng de dag door met Karin (Elisabeth) en de kinderen. Gezellig gebabbeld, wat gelezen, heerlijk gegeten, de dag was zo om. Hopelijk gaat het morgen beter met Kees. Jammer, dat hij net nu ziek is. Gelukkig is het hier niet zo warm.  Lekkere temperatuur en vooral ’s nachts is het rond de 15 graden. Weer slapen onder het beddek. Heerlijk in ons warme holletje.

Zondag 24 september

Gelukkig, Kees voelt zich al ietsjes beter maar gaat naar een toast met jam en een kopje thee toch weer terug naar bed. Kijken hoe het vanmiddag is. We worden hier lief ontvangen maar het was natuurlijk niet de bedoeling dat we hier een paar dagen zouden zijn. Ze maken er verder geen punt van en iedereen doet zijn eigen dingetje. Ik werk vandaag het verslag bij en Kees slaapt zich gezond. Als we van hieruit vertrekken, gaan we niet de Karakomapas op, maar terug naar de Rose & Jasmijn camping. Na wat babbelen met Imam, krijgen we te horen dat, als we naar Nepal rijden, ook een prachtige weg krijgen en je kunt dan de bergen van de andere kant bekijken, hetgeen net zo prachtig is, dus waarom 1.600 kilometer smalle en drukke weg rijden als je op de weg naar Nepal vrijwel hetzelfde ziet. Daarbij denkt Kees natuurlijk ook aan “Moggy”. De Karakomapas is zwaarder dan de weg in Nepal.

Maandag 25 september

Vandaag begint de Ramedam. Wij zullen er als buitenlanders niet veel van merken. Het enige waar we rekening mee moeten houden is, dat de winkels niet op de normale tijd open zijn.

Gelukkig Kees heeft geen koorts meer en voelt zich weer wat beter. Niet goed genoeg om te rijden. Karin en ik hebben deze dagen heel wat afgebabbeld. Imam deed zijn werk, de kinderen waren naar school. Kees voelt zich zo slap als een vaatdoek, maar blijft toch de hele dag op. Dan komt het luchtprobleem van “Moggy” weer aan de orde. Duitsland Merex gebeld. Kan luchtfilter zijn. Hmmmm. ?  Kees belt dan Cor van de Gevel in Maarheeze in Nederland, de garage waar “Moggy” steeds ” onder behandeling”was.  Hij hoort het probleem aan en geeft als mogelijkheid aan. Luchtketels helemaal leeg blazen en opnieuw lucht opbouwen. Zo gezegd zo gedaan. Gelukkig, de wijzer stijgt meteen naar 12 bar. Een pak van ons hart. Nu de temperatuur van het linkerachterwiel nog. Is de rem aan deze kant toch nog te strak afgesteld??

Dinsdag 26 september

We besluiten vandaag na het ontbijt terug te gaan naar de camping in Islamabad. Karin en Imam dringen er op aan nog een of twee dagen te blijven, maar gezien ze zelf donderdagmiddag ook voor een lang weekend weggaan, hebben ze zelf nog genoeg te regelen en gaan we echt. We nemen afscheid van de drie kinderen Myra Qulsum – Ameer Imam en Aima Sakina (Blossy) die om 07.30 uur naar school gaan. We ontbijten gezellig met Karin en Imam en nemen dan afscheid. LIEVE KARIN EN IMAM, DUIZEND MAAL DANK, VOOR AL JULLIE GOEDE ZORGEN, JULLIE WAREN GEWELDIG. Wat zijn wij blij, dat Imam ons aangesproken heeft bij de ambassade. Anders had ik met een goed zieke Kees op de Karakomapas gestaan. Het heeft zo moeten zijn, zoals jullie ook in ons gastenboekje hebben geschreven.

Terug op de camping, waar het weer 30 graden is, staat bijna iedereen er nog. Ze moeten allemaal op het visum wachten. He, kijk daar, de truck van Robert en Jitka. Terug van de Karakomapas. Inderdaad een zware rit. Ze zijn niet tot boven gegaan. Te koud en het begint in de bergen al te sneeuwen. Dit bevestigd ons besluit niet de Karakomapas op te gaan. Het zal allemaal wel weer zo hebben moeten zijn.

Woensdag 27 september

Vandaag houdt Kees zich nog rustig. Doen wat  boodschappen en lopen als het niet meer zo warm is nog eens naar de winkeltjes. Dan gaan we daar op een weegschaal staan. Kees 78 kilo (was 83), ik 68 (was 80) kilo. Ik schrik me kapot. Ik had het kunnen weten. Mijn borsten zijn theezakjes, mijn billen koffie-filters en onder aan mijn armen hangen coulisse-gordijnen. We halen bij de apotheker ORS, we moeten oppassen dat we niet te veel mineralen en zouten verliezen.

Donderdag 28 september

Weer naar de Mercedes garage. Drie maal is scheepsrecht. De chef monteur was nu wel aanwezig, Kees en hij hebben de klus geklaard. De rem zat inderdaad nog te vast en veroorzaakt daarom de te hoge temperatuur. Op de terugweg wilden we nog wat spullen kopen om “Moggy” wat op te leuken. Dat is niet gelukt. We hebben de winkeltjes en de werkplaatsen gezien, maar het was er zo ontzettend druk en drukkend weer (33 graden) dat we er eerlijk gezegt ook niet meer zo veel zin in hadden. Te warm – te moe van het ziek zijn. Jammer.

Morgen vertrekken we naar India –  Lahore dan richting Amaritsar daarna Nepal.

Vrijdag 29 september

Vandaag rijden we naar de grens van pakistan India. Afscheid nemen van iedereen op de camping en daar gaan we dan, op naar India. Alles staat goed aangegeven richting Lahore. Dan maken we zelf een foutje door in de computer Lahore aan te geven als grensovergang, dat moet dus het plaatsje Attari zijn, voorbij Lahore. Bij Lahore niet de “Ring-road” maar Lahore centrum aangehouden zoals  op de GPS (fout) aangegeven stond. Daar zagen we een bordje BORDER dus we dachten dat we goed zaten. We zaten dus echt fout. We kwamen in een achterbuurt terecht. Vreselijk, we kwamen bijna vast in een kolonne van vrachtwagens, die misschien wel de grens over gingen, maar niet de grens voor de toeristen. Kees voelde aan zijn water dat dit goed fout was. We konden nog net draaien, eventjes “spookrijden” en vlug de “Ring-road” op.

 

Door deze fout hebben we uur anderhalf uur verloren in de zeer drukke stad. Uiteindelijk bij het station bij de taxistandplaats een taxi gevraagd ons vooruit te rijden tot de grens. Tot onze verbazing was dat nog40 km. en kwamen er toen achter dat de grensovergang in Attari is en niet Lahore was. Net voor het donker, eenmaal bij de grens aangekomen waren we te laat voor de vlaggen-seremonie, jammer.

De betrekkingen tussen India en Pakistan zijn al jaren ontsierd door militaire conflicten en territoriale geschillen. Ondanks regelmatige grens-schermutselingen, komen er echter jaarlijks duizenden toeristen kijken naar de traditionele afsluiting van de grens (die dagelijks gehouden wordt).

Hierbij worden bijvoorbeeld de vlaggen kruislings gehesen en wordt de ceremonie op een wat agressieve manier gebracht. Maar dit is juist als uitlaatklep,een symbolische manier van uiting zonder fysiek geweld. De traditie is ontstaan na grote conflicten tussen beide landen waarbij het oorspronkelijke land in tweeën gesplitst werd na de kolonisatie van Groot Brittannië.

Maar toch hier van youtube afgehaalde ceremonie:

http://www.youtube.com/watch?v=Zv4OR_cuD08&feature=related

Wel stonden we op en rustige plaats nog aan de Pakistaanse kant bij het PTDC Hotel. Daar in het restaurant gegeten. Zag er zeer netjes uit. Later kwam ook nog de hele groep Duitsers aangereden die we al twee maal eerder ontmoet hebben. Dat was dus weer een vrolijke begroeting. De grens-papieren kunnen we pas morgen in orde maken. Om 09.30 uur gaat het kantoor van de “Customers”open. We zijn nog wel naar de grensovergang gelopen en hebben daar wat foto’s gemaakt. Zag er allemaal strak en schoon uit. We zijn zeer benieuwd hoe India gaat worden.

 

INDIA HERE WE COME.